Distrikt Marowijne.
Geografie
van het distrikt Marowijne
De hoofdplaats van het distrikt Marowijne is Albina. Vroeger was
Moengo de
belangrijkste nederzetting in dit distrikt, de hoofdplaats.Het district
Marowijne werd ingesteld in 1894 en het was toen het op een na grootste district
van Suriname. Toen echter in 1983 het district Sipaliwini erbij kwam, werd een
groot deel van Marowijne gevoegd bij het nieuw gevormde district. Marowijne
wordt begrensd door de Atlantische Oceaan in het noorden, door de districten
Para en Commewijne in het westen, door het district Sipaliwini in het zuiden,
terwijl het in het oosten van Frans-Guyana wordt gescheiden door de Marowijne
rivier.
Dicht bij de monding van de Marowijnerivier liggen twee grote indianennederzettingen, t.w. Christiaankondre en Langamankondre.
Bij de monding van de Marowijnerivier en aan de zeekust zijn twee natuurreservaten ingesteld, vooral ter bescherming van de vogels en zeeschildpadden die daar komen broeden en leggen.
Het Wiawianatuurreservaat aan de zeekust werd ingesteld in 1961 en het Galibi-natuurreservaat bij de monding in 1969.
Bij Galibi was er vroeger een vuurtoren. In de eerste helft van de 20e eeuw was
er ook een grote kokos plantage, die echter voor een groot deel is verdwenen De
Stinasu exploiteert op enkele plaatsen in het gebied logeergelegenheden en
organiseert reizen naar het gebied.
Door de bouw van de brug over de Suriname rivier, is het Distikt marowijne nu binnen een 50 minuten bereikbaar.Moengonezen hebben hier deccenia lang op zitten wachten. De betekenis van deze brug voor de distrikts bewoners van Commewijne en Marowijne zal leiden tot een grotere opleving van deze distrikten in economish, sociaal en cultureel perspectief.De kilometers lange files, voor de oversteek naar Paramaribo of meerzorg met de veerboot is bij iedere surinamer bekend.De bouw van deze brug over de surinamerivier levert in ieder geval, rezigers richting marowijne een tijdwinst van ca. 25 minuten op.Er is bij de regering in Suriname een plan op tafel om tol te gaan heffen voor gebruik making van de brug.Niet iedereen is het hier mee eens.Nog onbekend is of de bustarieven die de lijndienst onderhouden tussen Paramaribo en Moengo aangepast (zullen) worden.
Bevolking
van het distrikt Marowijne
Het
grootste deel van de bevolking bestaat uit Surinamers van Kreoolse afkomst
overwegend boslandkreolen. Langs de rivieren de Marowijne, Lawa, Tapanahoni en
de Cottica liggen verschillende boslandkreoolse dorpen.Het
aantal inwoners van het distrikt Marowijne is geschat op 13.900 inwoners.
Middelen van bestaan
van het distrikt Marowijne
Het distrikt Marowijne is een
belangrijk mijnbouwgebied.
Omstreeks 1900 werd er in Suriname bauxiet ontdekt. Dit mineraal kan, na
zuivering tot aluinaarde, verwerkt worden tot aluminium. Dankzii dit aluminium
kon onder andere de vliegtuigindustrie zich ontwikkelen. In 1916 richtte
de Aluminium Company of America (ALCOA) een dochteronderneming op in Suriname
"de Surinaamse Bauxiet Maatschappij" S.B.M. Een gebied van 123.000 ha
werd in concessie gegeven aan deze maatschappij voor een periode van 60 jaar.
Door Alcoa werd het bauxiet te Moengo ingeladen en naar Trinidad verscheept. Vandaar
werd
het verder verscheept naar De Verenigde Staten van Amerika. Een deel van het
bauxiet werd ook naar Paranam vervoerd om tot aluinaarde te worden verwerkt. De
winsten vloeiden intussen naar het buitenland.
Moengo breidde zich in de loop der jaren steeds meer uit en daarvan profiteerden ook de andere mensen in het district, die b.v. hun producten konden verkopen te Moengo. Voor de export van bauxiet voeren grote bauxietschepen regelmatig de smalle, maar diepe Cotticarivier op. Om dit mogelijk te maken moesten op diverse plaatsen obstakels in de rivier worden opgeheven en werd eerst bij de Koopmanskreek, later bij Moengo, een zwaaikom gegraven, waar de grote zeeschepen konden keren.
De groeiende betekenis van Moengo en Albina en het gehele district Marowijne kan worden afgelezen aan de aanleg van een vliegveld te Moengo en de opening van een vliegverbinding met Paramaribo in 1955.In de jaren '60 en later
kwamen op economisch gebied in Marowijne belangrijke ontwikkelingen op gang. Het Patamacca-gebied werd voor de firma Bruynzeel het centrum van een nieuw houtexploitatie-gebied en er werden grote activiteiten ontplooid. Ook werd daar een aanvang gemaakt met de aanleg van een grote oliepalmonderneming.Maar nog veel belangrijker was de aanleg van de z.g. Oost-West verbinding in 1964, die het mogelijk maakte om met de auto te reizen van Paramaribo naar Moengo en Albina.
Aanvankelijk moest men bij het oversteken van de Commewijnerivier nog gebruik maken van het veer, maar in de jaren '70 werd over de Commewijnerivier een brug in gebruik genomen, waardoor het mogelijk werd om in twee uur te reizen van Meerzorg naar Albina.
Na de aanleg van de Oost-Westverbinding nam ook het verkeer met Albina sterk toe. Velen uit Paramaribo trokken naar het grensplaatsje om er een week-end of gewoon een dag door te brengen, aangetrokken door de mooie stranden van Albina of door de mogelijkheid om over te steken naar St. Laurent, waar men even kon gaan genieten van een Frans wijntje of een Frans hapje. Albina werd bij uitstek het vacantie-oord van Suriname en het aantal hotels en week-endhuisjes nam van dag tot dag toe. De oversteek naar St. Laurent werd eenvoudiger, na de opening op 27 februari 1969 van een veerdienst tussen Albina en St. Laurent.
De binnenlandse oorlog die in 1986 begon heeft vooral invloed gehad op de ontwikkelingen in Marowijne, waar de meeste gevechten zijn uitgevochten. Een groot deel van Albina werd platgebrand, vrijwel alle bewoners trokken weg en het toerisme aldaar kwam vrijwel stil te liggen. Het dorp Moengotapoe verdween van de kaart en ook langs de weg tussen Albina en Moengo trokken de meeste bewoners naar veiligere oorden. Ook de weg zelf had veel te lijden van het oorlogsgeweld en op vele plaatsen werd ze opengebroken en werden bruggen kapot gemaakt.
Ook Moengo heeft veel te lijden gehad van het oorlogsgeweld. Gebouwen werden afgebrand en mensen die niet persé voor hun werk daar moesten blijven, verlieten de nederzetting. De palmolieaanplant te Patamacca werd door het wegtrekken van de mensen aan haar lot overgelaten en de bedrijfsgebouwen werden voor een groot deel vernield.
Inmiddels is met de wederopbouw van Albina een begin gemaakt. De schoeiing langs de Marowijne is met Nederlandse ontwikkelingshulp hersteld, er worden weer huizen gebouwd en de mensen van Albina beginnen weer terug te keren naar hun verblijf.
Ook het toerisme komt weer op gang. Te Patamacca is men bezig om de aanplant te herstellen en men is doende om de OostWestverbinding weer in goede conditie te brengen.
Te Moengo is de situatie echter drastisch en blijvend veranderd. Het
bauxietontginningbedrijf van de Suralco is verplaatst naar de Coermotibo-mijn en
het daar ontgonnen bauxiet wordt niet meer met grote zeeschepen naar het
buitenland verscheept, maar met grote duwboten vervoerd naar Paranam, waar het
in de aluinaardefabriek wordt verwerkt. De fabriek te Moengo en ook andere
gebouwen zijn ontmanteld en ook de mooie Suralco boerderij daar is verdwenen.
Medische voorzieningen van het distrikt
Marowijne
Ook de geneeskundige voorzieningen waren te Albina altijd redelijk goed geweest en dat was mede te danken aan het feit, dat er te Albina steeds een detachement van het leger was gestationeerd, vooral met het oog op de vele ontvluchtingen uit het bagno. De commandant van de troepen fungeerde als districtscommissaris en voor hen was er ook altijd een officier van gezondheid, die ook burgerpatienten behandelde. Albina had zelfs een eigen hospitaal. Toen na de oorlog de militairen werden vervangen door politie-agenten, werd er te Albina een burger-geneesheer gestationeerd. Later werd er een modern streekziekenhuis opgezet. Te Moengo zorgde de Bauxietmaatschappij voor de geneeskundige voorzieningen en daartoe waren er niet alleen medici in dienst, maar er werd ook een goed ingericht ziekenhuis gebouwd.
Onderwijs
van het distrikt Marowijne
Het onderwijs in het district liep met de ontwikkelingen mee. Te Moengo en Albina waren er lagere scholen, maar reeds in 1948 kreeg Moengo, als eerste districtplaats, ook een MULO-school. Later kwamen daar nog LBGO-scholen bij te Moengo en Albina.
Sport & Recreatie van
het distrikt Marowijne
De sport die in Marowijne het meest beoefend wordt is voetbal en tegenwoordig speelt een club uit dit district (Real Moengotapoe) zelfs mee in de hoofdklasse van de Surinaamse Voetbal Bond. Watersport wordt veel beoefend te Albina, vooral door toeristen.
Aan de Waterkant wemelt het weer van activiteiten en er is druk verkeer van korjalen, die passagiers en vracht vervoeren naar en van het binnenland en Frans-Guyana. Ook is de veerdienst voor het overzetten van auto's naar St. Laurent herstelt, na enige jaren uit de vaart te zijn geweest als gevolg van de binnenlandse oorlog.
Andere links
van het distrikt Marowijne
|